‘Hebo liep een beetje uit de hand’
Geplaatst op: 2 februari 2017
Foto's: Jan van Kleef en tekst: Enrico Kolk
‘Het is allemaal een beetje uit de hand gelopen’. Dat is een zin die Henk Bonsink van Hebo Maritiemservice toch wel typeert en bij hem een aantal keer terugkomt. Het bedrijf, waar hij in 1989 als zelfstandige mee begon, groeide uit tot een grote speler op het water, en soms ook op het land. Dinsdagavond deed hij, voorafgegaan door Luciën Schuite van Duikbedrijf Schuite, zijn verhaal tijdens het Winterkwartier in Sluuspoort.
Hebo haalde de ‘Kamper Kogge’ naar boven (“Wij hadden het mooiste idee en de laagste prijs”), brengt bommen naar zee, ruimt gevallen bruggen –Alphen aan de Rijn– op. Je kunt het zo gek niet bedenken. Die laatste klus moest Hebo in 14 dagen klaren. “Maar de overheid had 2,5 maand voorbereiding.” Op een vraag uit de zaal of Hebo daarvoor verzekeringen afsloot, was het antwoord kort. “Wij sluiten geen verzekering af, maar sluiten gewoon alles uit.”
Het begon allemaal als de firma Hebo sleep- en klussenbedrijf. “Met dat laatste was de belastingdienst niet zo blij. Als je in die tijd een klussenbedrijf had, werkte je meestal zwart.” Dat doet Hebo tegenwoordig nog, zwart werken, maar dan op een andere manier. Zo ruimt het bedrijf, met ondermeer vestigingen in Rotterdam en Moerdijk, ook olie op die in het water terecht is gekomen.
Filmpjes onderstreepten het verhaal van Bonsink, wat soms meerdere ooh’s en aah’s aan de ruim 100 luisteraars ontlokte. Vooral de ouderen stonden soms versteld. “Wat een techniek hè.” Iets minder enthousiast werd de zaal van het verhaal van de walvis. “Die was meegekomen op de neus van een schip en woog 48 ton”, vertelt Bonsink. “Die hebben we met kettingzagen in stukken gezaagd. We hadden een vacuümtank met 10 ton aan bloed en water. De rest deden we in containers, en de helft daarvan lag er de volgende morgen weer uit: het was gaan gisten.”
Duidelijk moge zijn dat Hebo de hand niet omdraait voor grote klussen. Al in het begin van zijn verhaal liet Bonsink een filmpje zien van de ontmanteling en verwijdering van vier windmolens bij Medemblik. De loodzware kolossen verdwenen in drie dagen. Uit het zicht dan, want de hele klus duurde drie weken.
Ook duikbedrijf Schuite heeft niet alleen maar korte klussen. Het bedrijf is volop betrokken bij het project Meppelerdiepsluis. Zo hielpen zij Hebo bij het plaatsen van een drempel voor de sluis. “Op het filmpje zie je heel veel mensen met oranje jasjes, dat zijn kijkers. Zodra het gevaarte onder water is, zijn er nog maar drie mensen over”, lachte Luciën Schuite.
Samen met Hebo werkt Schuite ook bij de Nijkerkersluis en Roggebotsluis. Daar liggen noodschotten op bodem. “Wij moesten die passen en kijken of het nog functioneert. Het noodschot was een meter te laag, was de conclusie Rijkswaterstaat. Wat doen we er dan mee? We leggen het terug op bodem. En daar ligt het nu nog steeds.”
Buizen onder snelwegen inspecteren op vuil behoort ook tot de werkzaamheden. “Daarvoor moet je geen last van claustrofobie hebben. We kruipen buis aan de ene kant in, en komen er aan de andere kant weer uit. Die dingen zitten vaak vol met vis dus voel je om de haverklap een vis langs je lichaam glijden. Dat is soms wel even schrikken.”
De werkzaamheden zijn heel divers. “We doen aan montage en reparatie, bijvoorbeeld een tegeltje in een zwembad vervangen. Maar we werken ook veel aan onderhoud van sluisdeuren. We helpen dan ook als er storingen zijn.”
Bijzondere tak van sport is het lassen en branden onder water. “We hebben dan een toorts met een zuurstofslang. Daarvoor zit een holle elektrode met een magnesiumstaaf die de elektrode opstart. Dan krijg je er met een rotgang zuurstof doorheen, wat zorgt voor een vlammenboog. Je praat dan over een paar duizend graden.” Meestal gaat dat goed, maar soms ook niet. “We branden weleens door een handschoen heen. Tsja, dan heb je een dikke blaar op je hand.” Ook dat kan onder water.


