16 maart 2026
Gebruikers online: 0

Hebo bijzonder ‘waterbedrijf’ in de Kop

Geplaatst op: 6 juli 2016 Gepubliceerd door:

Ze hebben twee dingen gemeen; ze bestaan van en voor het water en ze zijn gevestigd in Noordwest Overijssel. Aan de monding van de voormalige Zuiderzee. Daarmee houdt de vergelijking dan ook op.  Royal Huisman Shipyard, Hebo Maritiemservice en Bodewes Scheepswerven zijn elk uniek in hun soort; parels van Overijsselse bedrijvigheid met vaak een lange familietraditie. Het college van Gedeputeerde Staten van Overijssel ging er op bezoek onder het motto ‘aandacht voor vervoer over water en kansen voor de logistieke hotspot regio Zwolle’

Bij Royal Huisman Shipyard worden jachten gebouwd voor het topsegment van de wereldmarkt. Het bedrijf aan het Vollenhove Kanaal levert megaschepen voor de rijken der aarde en is een van de grootste werkgevers in de regio. Het zijn vaak prijswinnende legendes die bij Huisman van de rede komen – tussen de dertig en negentig meter lang en van een duizelingwekkende schoonheid. De prijzen lopen per meter op tot tientallen miljoenen euro’s. “If you can dream it, we build it” is de slogan: hier, op de werf van zon 30.000 m2 worden dromen werkelijkheid. Hypermoderne hightech, ‘intelligent engineering’ wordt gecombineerd met ouderwets, degelijk vakmanschap.  Onlangs vond een directiewisseling plaats; directeur Alice Huisman gaf het stokje over aan Roemer Boogaard en nam zelf plaats in de Raad voor Commissarissen.

 

Build me a beast

De nieuwe directeur Roemer Boogaard leidt met trots zijn gasten rond. In een megahal is “Ngoni” in aanbouw, “The Beast” genoemd door insiders. Een 58 meter lange oceaan cruiser die in het voorjaar van 2017 moet worden opgeleverd. “Build me a beast. Don’t build me a wolf in sheep’s clothing”, dat was wat de opdrachtgever de scheepsbouwer meegaf. In de hal ligt de onafzienbare carbon mast al klaar. Even verderop gonst het van bedrijvigheid in wat nog het meest lijkt op een exclusieve meubelmakerij; hier worden met de hand de prachtige interieurs voor de schepen gebouwd. Vermogende mannen als Baron de Rotschild, Herbert von Karajan en internettycoon Jim Clark plaatsten hun opdrachten bij Royal Huisman. Dat begon ooit allemaal met punters – hét vervoermiddel in de waterrijke Kop van Overijssel in de 19e eeuw. Jan Jans Huisman startte in 1884 het familiebedrijf in houten punters en vissersschepen als de Staverse Jol en de Vollenhoofse Bol. Zoon Wolter zou later de scheepswerf tot grote hoogten brengen. Zijn dochter Alice loodste het bedrijf met nu 350 medewerkers door de spannende tijden van economische crisis.

Maritieme markt

“Het ondernemerschap en zelf-doen zit de mensen in deze regio in het bloed” zegt Thecla Bodewes, directeur/eigenaar van de gelijknamige scheepswerven, met de basis in het iets verderop gelegen Hasselt. “Maar je kunt het niet alleen. De toekomst ligt in partnerschappen. Scheepsbouw is hyperconjunctuurgevoelig – onze kracht ligt in een sterke ‘brand’ en in samenwerking. Nederland heeft van de  wereld het meeste werk in de maritieme markt. Over de hele wereld willen mensen Nederlandse schepen. Zelfs de tweedehands waarden liggen enorm hoog.”  Bodewes is sinds vorig jaar voorzitter van de Dutch Trade & Investment Board; een publiek-privaat samenwerkingsverband dat kabinet en bedrijfsleven adviseert op het gebied van internationalisering van topsectoren. “We zorgen voor een goed investeringsklimaat en lossen knelpunten op zodat bedrijven makkelijker internationaal kunnen werken. Met als doel: de concurrentiekracht van Nederland versterken” aldus Thecla Bodewes.
Wat daarbij helpt is een goeie strategische ‘reisagenda’. Precies weten wanneer buitenlandse bewindslieden naar Nederland komen, en wanneer er andersom Nederlandse delegaties naar het buitenland gaan zodat het bedrijfsleven op tijd kan meeliften en zaken doen.
Minister Ploumen voor Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking is verantwoordelijk voor de DTIB. Vanuit de Rijksoverheid is ook minister Kamp van Economische Zaken betrokken, net als organisaties en partijen als VNO-NCW, MKB-Nederland, vertegenwoordigers van de topsectoren en decentrale overheden. “Ook voor de Overijsselse regio is het ontzettend belangrijk om mee te liften met het DTIB. Het kan deuren openen en voor oplossingen zorgen” Voorzitter Bodewes noemt als succesvol voorbeeld van de bemoeienis van het DTIB; het Nederlandse aandeel in de verbreding en vernieuwing van het Suezkanaal. Nederlandse bedrijven Van Oord en Boskalis werkten mee aan het graven van het nieuwe, ruim 70 kilometer lange kanaal.

Logistieke alliantie

De provincie Overijssel werkt nauw samen met logistieke stakeholders om Overijssel nog beter op de kaart te zetten als een aantrekkelijke regio voor logistieke bedrijven. Goed voorbeeld daarvan is de “Port of Zwolle’, het in november geopende gezamenlijke havenbedrijf van Zwolle, Kampen en Meppel. De gebundelde havenactiviteiten moeten de concurrentiepositie van de regio versterken. De havens van Rotterdam, Amsterdam en Antwerpen moeten “Port of Zwolle” in het vizier krijgen voor de doorvoer en overslag van goederen.  Gedeputeerde Eddy van Hijum legt uit: “De ligging aan water, wegen en sporen biedt heel veel kansen voor een logistieke alliantie. Port of Zwolle toont aan dat de regio kan slagen in samenwerking, ondanks bestuurlijke gevoeligheden. De koek wordt op die manier alleen maar groter.” De lobby voor bredere Kornwerderzandsluizen – waardoor ook grotere zeeschepen de regio kunnen bereiken lijkt er een van een lange adem te zijn. Inmiddels hebben wel de provincies Flevoland, Overijssel en Friesland de krachten gebundeld om de verbreding voor de toekomst op de agenda te houden. Ook verladers en vervoerders zijn daarbij betrokken. Scania, met haar grootste productiefabriek in Zwolle en een nieuw logistiek centrum in Hasselt is ook gebaat bij goede bereikbaarheid. Per dag rollen er bij Scania Zwolle tussen de 160 en 180 fonkelnieuwe vrachtwagens van de band. “We zien groei in volume en in werkgelegenheid. Vervoer over de weg is voor ons niet de enige oplossing. De koppeling met binnenvaart vinden wij ook heel belangrijk” zegt Scania directeur Leo Bronkhorst.

Hebo Maritiemservice

Als in Alphen aan de Rijn bij de Julianabrug twee omvallende kranen een enorme ravage aanrichten gaat in Zwartsluis de telefoon. Het is typisch een klus voor Hebo Maritiemservice om daar de boel weer op orde te krijgen. De telefoon gaat ook als er olierampen in de wereld plaatsvinden, als er oude bommen in de wateren gevonden worden, of als er delen van enorme bruggen moeten worden ingevaren. De telefoon gaat vaak in Zwartsluis. Wiebbe Bonsink is samen met zijn broer directeur/eigenaar van Hebo, een internationale speler op de markt van maritieme calamiteitenbestrijding, bergingswerk en bijzonder transport over water. Met 70 vaartuigen, waarvan 15 oliebestrijdings vaartuigen voert Hebo Maritiem vaak combinatiewerkzaamheden uit. Want waar (olie)rampen plaatsvinden, moet meestal ook ‘geborgen’ worden. “Zwartsluis is onze basis- hier liggen onze roots,” zegt Wiebbe Bonsink. “Maar we hebben vestigingen op zeven locaties in Nederland. Dat is onze kracht. We kunnen met ons eigen equipment heel snel ter plekke zijn en direct handelen vanaf het water bij rampen.”
De bescheiden ‘doe-maar-gewoon’ Bonsink is intussen wel de grootste berger van Nederland op de binnenwateren. Voor de lichting van de 16e eeuwse Kamper Kogge maakte Hebo met de bedrijvencombinatie ‘Isalacogghe’ alles zelf; van drijvende werkplatforms tot bergingsmand en stroomschermen.
Maar Hebo heeft ook geen moeite met het bergen van een aangespoelde walvis van 40 ton.
“Niet zo’n lekker klusje,” zegt Wiebbe Bonsink droog. “Maar dat moet ook gebeuren.” In China wordt op dit moment gebouwd aan een mega kraanponton voor Hebo Maritiemservice. Een bakbeest dat 600 ton buitenboord kan tillen, en daarmee de capaciteit van het totale hijs-vermogen verdubbeld.

En het vervoer van de superdeluxe jachten van Huisman Shipyard richting de wereldzeeën?
Dat wordt uiteraard gedaan door Hebo Maritiem. Je bent immers goede buren.